Brainspotting wetenschappelijk uitgelegd

18-02-2026

Wat is Brainspotting?

Brainspotting is een psychotherapeutische methode die in 2003 werd ontwikkeld door David Grand. De techniek wordt vooral toegepast bij trauma, angststoornissen, burn-out en psychosomatische klachten.

De kernhypothese is eenvoudig maar krachtig: waar je kijkt, beïnvloedt wat je voelt. Door specifieke oogposities ("brainspots") te vinden en vast te houden, wordt toegang verkregen tot diep opgeslagen emotionele en lichamelijke herinneringen.

Het neurobiologische fundament

1. Trauma en het subcorticale brein

Traumatische ervaringen worden grotendeels opgeslagen in subcorticale hersengebieden (dieper gelegen structuren), zoals:

  • Amygdala – detecteert dreiging en activeert angstreacties
  • Hippocampus – verwerkt context en geheugen
  • Hersenstam – reguleert overlevingsreacties (vechten, vluchten, bevriezen)

Bij trauma raakt dit systeem als het ware "vast". Het lichaam blijft reageren alsof het gevaar nog aanwezig is, zelfs wanneer dat rationeel niet zo is.

2. Oogpositie en neurale netwerken

De richting van de blik hangt samen met activatie van specifieke neurale netwerken. Onderzoek in de neurowetenschappen toont aan dat oogbewegingen gekoppeld zijn aan:

  • Activatie van het limbisch systeem
  • Regulatie via de nervus vagus (autonoom zenuwstelsel)
  • Verbindingen tussen hersenstam en hogere corticale gebieden

Wanneer een cliënt tijdens Brainspotting een specifieke oogpositie vasthoudt en daarbij lichamelijke sensaties opmerkt, lijkt dit toegang te geven tot impliciete (niet-talige) herinneringen.

3. De rol van het autonome zenuwstelsel

Brainspotting werkt sterk lichaamsgericht. Tijdens de sessie let de cliënt op:

  • Spierspanning
  • Ademhaling
  • Hartslag
  • Druk of warmte in het lichaam

Door de focus vast te houden zonder te vermijden of te analyseren, kan het zenuwstelsel zichzelf reguleren. Dit proces heet neurobiologische zelfregulatie.

Dit sluit aan bij inzichten uit de traumawetenschap, zoals beschreven door Bessel van der Kolk, die benadrukt dat trauma primair in het lichaam wordt opgeslagen.

Wat gebeurt er tijdens een Brainspotting-sessie?

  1. Activeren van het thema
    De cliënt denkt aan een probleem of gevoel.
  2. Zoeken naar de brainspot
    De therapeut beweegt een pointer langzaam door het gezichtsveld.
    De cliënt merkt op waar de emotionele of lichamelijke activatie het sterkst is.
  3. Vasthouden van de blik
    De cliënt fixeert de blik op deze positie.
  4. Diepe verwerking
    Emoties, herinneringen of lichamelijke sensaties kunnen spontaan opkomen.
    De therapeut begeleidt zonder veel cognitieve interventie.

Verschil met EMDR

Brainspotting wordt vaak vergeleken met EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing).

Het verschil tussen EMDR en Brainspotting zit vooral in de aanpak.

EMDR gebruikt ritmische oogbewegingen en volgt een vast protocol waarbij ook negatieve overtuigingen actief worden aangepakt. Brainspotting, ontwikkeld door David Grand, werkt met één vaste oogpositie en richt zich meer op lichamelijke gewaarwording en zelfregulatie, met minder cognitieve interventie.

Kort gezegd: EMDR is gestructureerder en cognitief gerichter, Brainspotting is meer lichaamsgericht en procesgestuurd.

Wat zegt de wetenschap?

Het wetenschappelijk onderzoek naar Brainspotting staat nog in ontwikkeling. Enkele bevindingen:

  • Klinische studies tonen vermindering van PTSS-klachten
  • Vergelijkbare effectgroottes als andere traumatherapieën in voorlopige studies
  • Grootschaligere, gerandomiseerde gecontroleerde studies worden momenteel voorbereid

Neurobiologisch wordt de werking verklaard via:

  • Geheugenherconsolidatie
  • Regulatie van het autonome zenuwstelsel
  • Integratie tussen rechter- en linkerhersenhelft

Hoewel de theoretische onderbouwing aansluit bij moderne traumawetenschap, is de empirische basis nog groeiende.

Samenvattend: hoe werkt Brainspotting?

Wetenschappelijk gezien berust Brainspotting waarschijnlijk op drie kernmechanismen:

  1. Gerichte activatie van subcorticale trauma-opslag
  2. Lichaamsgerichte verwerking via het autonome zenuwstelsel
  3. Neurale herintegratie en geheugenherconsolidatie

Door specifieke oogposities te koppelen aan lichamelijke gewaarwording, wordt diep opgeslagen emotioneel materiaal toegankelijk en kan het zenuwstelsel dit alsnog verwerken.


De door mij aangeboden diensten dienen als psychosociale begeleiding en vervangen geen medische of andere professionele behandeling door een erkend zorgverlener.